VLASSERSPAD

Start te Ooigem op het St. Brixiusplein (dorpsplein)
Afstand: ongeveer 8 km.
Wandeling door Wielsbeke en Ooigem. Doet de noordoosthoek van Hulste aan.
[ROUTEBESCHRIJVING]

Vertrekkend op het St. Brixiusplein (dorpsplein) langs de Bavikhoofsestraat komen wij op het August Marinplein en bereiken het gebouwencomplex van de vrije basisschool. Gezegd plein kreeg zijn naam ter nagedachtenis van Luitenant August Marin, die hier sneuvelde op 24 mei 1940 aan het hoofd van een gevechtseenheid die tot de laatste man werd neergeveld.
Luitenant Marin was een jonge Waalse dichter, tevens advocaat.

Via de Mgr. Debrabanderestraat komen we aan de Kloosterdreef (vroeger Molendreef). De Kloosterdreef verwijst naar het Frans klooster dat in 1961 gedeeltelijk werd gesloopt.
De vroegere Molendreef dankte haar naam aan de gesloopte windmolen die stond op de hoek met de Bavikhoofsestraat.
Mgr. Debrabandere was een in Ooigem geboren persoon die in 1894 bisschop werd van Brugge.
We gaan links de Kloosterdreef in en bereiken Ooigembos.

De 1e Linieregimentstraat die wij links volgen is wellicht een der oudste, zoniet de oudste straat van Ooigem.
Ter verdediging van Harelbeke, met zijn kasteel, als hoofdplaats van het gewest, werd in de 9e eeuw een versterkte mote gebouwd (op de plaats waar nu het kasteel van Ooigem staat) en de voornoemde weg was namelijk de verbindingsweg tussen deze twee plaatsen.

Wij passeren het nieuwe oorlogsmonument, draaien rechtsaf bij de Kasteelpoort naar de Desselgembrug.
Op de binnenkoer van het kasteel, vanaf de poort te zien, bevinden zich de geklasseerde schandpaal en het eveneens geklasseerde duivenhok, een der mooiste exemplaren van Vlaanderen.
De Leie is de natuurlijke grens tussen Beveren/Leie en Desselgem enerzijds en Ooigem anderzijds.
De gezegde Desselgembrug kende een nogal bewogen verleden. De eerste brug werd gebouwd in 1871 en in 1918 vernield door de terugtrekkende Duitsers. Nadat ze hersteld was geworden werd ze voor de tweede maal vernield, ditmaal door de Belgische troepen opgeblazen tijdends de18-daagse veldtocht. Ze werd vervangen door een smalle houten brug. De huidige betonnen brugconstructie werd in gebruik genomen tijdens het jaar 1973. Wij nemen links voor de brug de trap naar beneden en volgen het pad langs de oude Leie. Aan de brede bocht hebben wij de Munckenhoeve, die nu de Leie is rechtgetrokken op een eilandje is komen te liggen. Het is de oude hofstede van Desselgem.

Rechts bevinden wij ons aan de achterzijde van het kasteel. Hier past een woordje geschiedenis. Op het einde van de 9e eeuw, ten tijde van Boudewijn de Kale, was zoals reeds eerder vermeld, Harelbeke de toenmalige hoofdplaats van het gewest.
Om deze te verdedigen tegen de toen rondtrekkende horden plunderaars werden op de meest strategische plaatsen versterkingen gebouwd.

Wanneer wij de omgeving bekijken, zien we dat de versterkte mote opgetrokken werd aan de lange rechte lijn van de Leie. Men moet weten dat de plunderaars zich meestal verplaatsen op de waterwegen. De meeste moten uit die tijd waren veelal uit hout, doch soms uit zware ruwe steenblokken. Meer dan waarschijnlijk was de mote te Ooigem gebouwd uit steen; getuige daarvan de arduinblokken die men bemerkt in het bouwwerk van het kasteel en die van een vroeger gebouw afkomstig moeten zijn. Volgens zijn bouwtrant moet het kasteel, zoals wij het nu zien, opgetrokken geweest zijn op het einde van de 13de of begin der 14de eeuw door de Heren van Luxemburg en bewoond door een zekere Gozewijn van Ooigem. Dit gebouw bestaat uit drie verdiepingen en een zolder; de onderste verdieping werd in de latere jaren, namelijk in 1729 omgebouwd tot kelders. Bij de bevrijding van Ooigem, op 8 september 1944, heeft zich daar een Duitse majoor-geneesheer overgegeven, met 39 zwaar gekwetste soldaten, aan een Engels-Canadese eenheid.
Wij volgen verder de oude Leie-oever en komen voorbij de (wegens de waterstand niet zichtbare) doorwaadplaats. Deze geplaveide "weg" dwars door de rivier was zichtbaar toen er bijna geen water stond in de Leie tijdens de oorlogsdagen.
Daar was ook de vroegere veerpont die Ooigem met Desselgem verbond bij gebrek aan een brug.
Aan deze toestand ontleent de Pontstraat haar naam.
Steeds langs het wandelpad begeven wij ons naar het sas. Het oude sas werd opgengesteld in januari 1872. In december 1973 werd naast deze oude drietrapsluis een nieuwe sluis gebouwd voor schepen met een tonnemaat tot 1350 T. Bemerk het hoogteverschil tussen beide waterwegen : Leie en kanaal Roeselare-Ooigem : 7,50 m. In 2007 werd de oude drietrapsluis gerestaureerd. Het was de bedoeling om de pleziervaart via dit oude sluizencomplex te schutten maar om praktische redenen gebeurt dit amper.
Langs het kanaal wandelen we verder, richting Roeselare. Deze vaart werd eveneens in 1872 geopend en een eerste maal verbreed in 1937. Een tweede maal in 1974, het jaar dat deze wandelroute geopend werd.
We gaan onder de gloednieuwe brug door met aan onze linkerkant een graanopslagplaats.
Even verder komen wij aan een zeer oud straatje van de gemeente, namelijk het vroegere Vijvinckstraatje, nu Kruishoek. Deze weg volgend zien wij links een ietwat afgelegen hofstedeke dat reeds bestond in 1313.
Wij bereiken de Hulstersestraat die wij rechts inslaan.
Op het einde van de Hulstersestraat draaien wij links af en komen op het grondgebied Oostrozebeke, na enkele passen op Hulste om dan bij het eerste kruispunt links terug Ooigem te bereiken. Hier zijn we nu op de Keihoek. Wij komen voorbij een tweetal koeplekskes die zoals de hofsteden die er rond liggen reeds bestonden in 1469. Wij bezitten de bewijzen van een volkstelling die hier in dat jaar werd gehouden. Aan onze rechterzijde ontwaren wij een oud kapelleke, genaamd "Splenters kapelleke". Het werd gebouwd ten jare 1890 en was vroeger, tijdens de meimaand, een druk bezochte bidplaats.

Verder naar links met de weg meedraaiend bereiken we wederom een van de oudste hofsteden van Ooigem, het hof "D'Haene" nu Busquart.
Wij dwarsen de Hulstersestraat en langs de "groene weg" bereiken wij de Meulebeeksestraat en komen rechts afslaand, langs het pad van de Fabiolalaan bij de Kerkweg, die wij nu verder volgen. Even verder komen wij op een voetweg die er ligt sedert meer dan 5 eeuwen.
Een weinig afgelegen, links, zien wij de hoeve Peers. Dit landgoed werd in 1351 aan de heer Gozewijn van Ooigem ontnomen wegens zijn deelname aan de zijde van de Gentenaars in hun strijd tegen Lodewijk van Male, de toenmalige graaf van Vlaanderen.
Langs de Tuinwijk, een wijk opgebouwd in 1962, komen wij terug op het Sint-Brixiusplein. Het oud-gemeentehuis, de omgebouwde pastorij, werd - volgens veronderstelling - terzelfdertijd van de kerk gebouwd, in de 12e eeuw door de Sint-Pietersabdij van Gent. Wij beschikken over weinig gegevens nopens dit gebouw want door zijn sterke constructie is er maar één herstelling bekend, namelijk uit het jaar 1643 (Guilaume Verloo, stroo omme te repareren de priestrage betaelt… ) en in 1830 werd de verandering aangebracht : de bebouwing van een verdieping. Na wereldoorlog II werd die pastorij volledig omgebouwd tot een prachtig gemeentehuis. Boven de ingangsdeur prijkt een blauwsteen (hij bevond zich boven de pastorijdeur) met een spreuk "n Hoc signo" (In dit teken). De vierschaar (in een huis rechtover de pastorij) werd gebouwd in 1559. De vroegere bevond zich op het kasteel waar ombouwingen werden uitgevoerd ten gunste van de heren en tot het verdwijnen van de vierschaar noopten.

Aan de overzijde staat het zéér oud kerkje, gebouwd in de 12e eeuw. De kerktoren, praktisch volledig in Romaanse stijl met ongelijke galmgaten. Wij bemerken nochtans reeds de spitsbogen als gevolg van de Gotische stijl die zich reeds in die periode opdrong.
Gezien de aangroei der bevolking werd de kerk een eerste maal uitgebouwd in 1683 met de linkse zijbeuk. Toen zij nogmaals te klein bleek kwam de rechterzijbeuk, in 1850 gebouwd.
Bij deze laatste verandering gingen vele kostbaarheden verloren, inzonderlijk de bekleding van de koren en de uitgehangen blazoenen van de dorpsheren.
In 1981 werd de kerk gerestaureerd en zoveel als mogelijk in haar oorspronkelijke staat hersteld.
De Kruis-Lieve Heer aan de zijgevel van de kerk vertoont 2 bijzonderheden, nl. de gestorven Jezus draagt geen doornkroon en heeft de wonde van de lanssteek in de rechterzijde.
Zo zijn we terug aan ons vertrekpunt, zodat onze wandeling rond is.

*********************************

Noot :
Deze wandeling is een initiatief van het Arrondissementeel
ACW en Vakantiegenoegens Ooigem.
Met de medewerking van het gemeentebestuur Wielsbeke en A.C.W. Ooigem

Inlichtingen :
A.C.W. Vakantiegenoegens
St.-Jorisstraat 1, 8800 Roeselare
tel.: 051/24 07 44